|
Eerste Wereldoorlog in De Panne
Op 4 augustus 1914 valt het Duits leger België binnen.
Vanaf eind September 1914 wordt Antwerpen belegerd en op 8 Oktober trekt Koning Albert met zijn leger naar de kust terug, het neemt stellingen in achter de IJzer. Het Belgisch leger is 60.000 man sterk. Het is uitgeput.
Vrij België is herleid tot het gebied achter de IJzer, met als voornaamste plaatsen Veurne en De Panne. De Belgische regering verblijft in Ste-Adresse bij Le Havre, de Koning vestigt zich in De Panne. De Koning en de Koningin zullen er verblijven tot in Oktober 1918.
De meeste villa's stonden leeg en werden door soldaten betrokken.
Het paviljoen Bortier werd gebruikt om voorraden in op te slaan.
De villa Albert Ier, van de familie Mulle de ter Schueren, werd betrokken door officieren en herbergde tevens de hoge gasten die de koninklijke familie kwamen bezoeken.
De villa Paul Maskens , een eenvoudig huis, zonder enig comfort (geen elektriciteit, geen centrale verwarming) was de residentie van de koninklijke familie tot in augustus 1917. De vorsten namen toen hun intrek in het kasteel St-Flora in de Moeren, eigendom van de familie Breuls de Tiecken.
villa St-Joseph, eveneens eigendom van de familie Mulle de ter Schueren, werd bewoond door Portugese zusters, die er een schooltje open hielden en door de generale staf van het leger.
villa Ker-Jeannic , Visserslaan, eigendom van de familie Ottenheim (verwant met de familie Dumont), van 1912 tot 1920, was bewoond door vluchtelingen uit Diksmuide en door militairen, wat het geval was voor heel wat villa's in De Panne tijdens de oorlog.
(Uit "Lumières de Verre" , Martine Lani-Bayle, uitg. Opera).
INTERESSANTE LINK (in't Frans)
http://broqueville.be/plan.htm.
 |
Inrichting fronthospitaal Ocean
Eind November 1914 overlegde Koningin Elizabeth met dokter Antoine Depage, de Brusselse chirurg, (1862-1925) over de mogelijkheid in De Panne een hospitaal te openen.
Tijdens de Slag aan de IJzer, werden de gewonden
naar het militair veldhospital Cabour, te Adinkerke, naar het Belgian Field Hospital te Hoogstade, in de "Repos Ste-Elisabeth" en in de school van de Zusters van H. Gehoorzaamheid te De Panne ondergebracht en verzorgd.
Vele stierven door gebrek aan tijdige verzorging.
Het hotel Ocean,
op de Zeedijk, had een enorme opnamecapaciteit. Dokter Depage regelde de aankoop ervan. In December 1914 beschikt hij over 200 bedden. Korte tijd nadien was dit aantal aangegroeid tot 1200. Hij deed beroep op Engelse, Canadese en Deense verpleegsters. Het hospitaal wordt operationeel op 21 december 1914.
Marie Picard, zijn echtgenote (1873-1915), verpleegster in het legerhospitaal in het Koninklijk Paleis te Brussel, verloor het leven in 1915 in de ramp met de gekelderde Lusitania. Ze kwam van een fondseninzamelactie uit de V.S. terug.
De organisatie van het hospitaal was voorbeeldig. Elke chirurgische dienst had zijn specialiteit. Het verplegend personeel was steeds aan dezelfde dienst verbonden en verwierf zo een maximum aan ervaring. Het hospitaal beschikte ook over een geavanceerde chirurgicale post te St-Jansmolen (vanaf juni 1916) te Oostkerke, op de baan Diksmuide-Pervijze (Rode Kruis).
Dokter Depage liet ook paviljoenen bouwen waar kunstmatige ledematen, prothesen en chirurgicale instrumenten vervaardigd en onderhouden werden.
L'Ocean werd herhaaldelijk gebombardeerd, o.m. in Sept. 1917, er vielen doden en vele gewonden .
Reeds in 1915 werd een geavanceerde hulpdienst geopend in het klooster van Reninge. Na bombardementen werd hij verplaatst naar de hoeve "Abelenhof". In September 1917 werd een nieuw veldhospitaal geopend in Wulveringhem-Vinkem.
Het sterftecijfer onder de gewonden bleef beperkt tot 5%, dank zij de ideale ligging van het hospitaal, dichtbij het front.
In Oktober 1918 verhuisd het hospitaal naar St-Michiels-Brugge, daarna naar Brussel.
In de Sloepenlaan werd een badinrichting voor militairen geopend en een wasserij waar het linnen van de soldaten ontsmet en herstelt werd.
In het paviljoenkamp omheen de "Ocean" werd ook aan ontspanning gedacht. Waar nu het Hotel des Princes staat, bevond zich in de oorlogsjaren het grote feestpaviljoen Emile Verhaeren.
Café-chantant (cabaret) "In de Klokke" bevond zich naast waar nu het Hotel des Princes staat en herbergde verpleegsters. Er naast, de houten kapel "St-Jozef"
Mevrouw Tack, douairière Faverger de la Favarge, bewoonster uit Nieuwkapelle, zorgde tot in 1916 voor bevoorrading voor de soldaten in de loopgraven. Iedere dag kwam ze om voorraad naar De Panne, met haar ezelin "Paula".
Ze werd gedecoreerd van de Orde van Leopold. Haar villa "Marietta" bestaat nog, zie gedenkteken.
Een andere dame, Mieke Deboeuf "La Joconde" genoemd, deed hetzelfde te Oudekapelle, tot in 1915.
Mooie tekst van de Franse schrijver Pierre Loti, na een bezoek aan onze vorsten in 1918.
 |
Meer info over W O 1 op
www.westhoek.be
FOTO's
|